20 jaar Leo Smit Stichting
Componisten en repertoire
Logon


Leo Kok
(1893-1992)

Leo Kok


Leo Kok (1893-1992) werd in Amsterdam geboren als zoon van een Joodse moeder en een protestantse vader. Beide ouders overleden kort na zijn geboorte, zodat hij opgroeide bij zijn grootmoeder en vervolgens bij zijn tante in Den Haag. Daar kwam hij voor het eerst intensief in aanraking met muziek; hij leerde piano spelen en ontdekte zijn talent voor componeren. Maar hij ontwikkelde ook andere passies, zoals boksen en voetbal. In 1912 ging hij zelfs als vaste speler met het Nederlands elftal naar Parijs, een stad die later een thuisbasis voor hem zou worden.

Hij studeerde aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag bij Willem Pijper (1894-1947), die als docent compositie een grote invloed op hem had.

Als overtuigd pacifist en dienstweigeraar werd Kok tijdens de Eerste Wereldoorlog tot 1917 gevangen gezet in Den Helder. Niet lang daarna ontmoette hij de sopraan Hetty Marx, met wie hij in 1921 een zoon (Iddo) kreeg. Zij scheidden enkele jaren later van elkaar. In de twintiger jaren kreeg hij meer internationale bekendheid. Een klein jaar werkte hij in Berlijn, waar hij als pianist en componist nauw samenwerkte met dansers als Lili Green en Charlotte Bara. Hij ontmoette er ook andere expressionistische dansers en choreografen. Ook werd hij Bara's voornaamste muzikale partner; samen gingen zij op tournee door bijna alle landen van Europa. Door haar kwam hij terecht in Ascona (Zwitserland), de stad waar hij lang zou wonen en uiteindelijk zou sterven.
In de twintiger en dertiger jaren verbleef Kok afwisselend in Ascona en Parijs, dat hij als zijn spirituele thuis beschouwde. Hij bewoog zich er in avantgardistische kringen en maakte er onder meer kennis met Arthur Honegger, Darius Milhaud en Francis Poulenc.

Als reactie op de opkomst van het nationaalsocialisme in Europa sloot Kok zich aan bij het verzet. Hij liet zich in Londen opleiden tot spion voor de Britten; zijn talloze concertreizen in Zuid-Europa vormden een uitstekende dekmantel voor allerlei spionageactiviteiten. Tijdens de Hitlerbezetting van Frankrijk maakte hij deel uit van een verzetsgroep die vanuit de Pyreneeën mensen via de 'vrije zone' naar Spanje smokkelde. Op 24 januari 1944 werd hij in Parijs opgepakt en als Nederlandse politieke gevangene naar Buchenwald gedeporteerd, waar hij herhaaldelijk gemarteld werd. Zijn Joodse afkomst was bij de nazi’s gelukkig niet bekend. Op 11 april 1945 bevrijdden de Amerikanen Buchenwald. Kok bleef er om op 19 april deel te nemen aan een herdenkingsdienst voor de naar schatting 56.000 omgebrachte gevangenen. Hij dirigeerde er De dood van Ase uit Griegs Peer Gynt Suite.

In 1946 vestigde Kok zich in Ascona en opende hij er zijn Libreria della Rondine. Deze antiquarische boekwinkel werd al gauw het trefpunt voor intellectuelen en kunstenaars ter plaatse. Zijn carrière als pianist was door de oorlog gebroken - de martelingen hadden zijn polsen voorgoed aangetast. Het componeren pakte hij echter weer op, voornamelijk voor het befaamde marionettentheater dat al voor de oorlog (in 1937) in Ascona was opgericht. 'Monsieur Leo' runde zijn boekwinkel tot 1979 en stierf op 7 augustus 1992 in Ascona. Zijn as werd vanaf zijn favoriete Le Pont des Arts verstrooid in de Seine.

Diet Scholten

Bron: Marek Kalina, CD-boekje Lieder und Kammermusik


Selectie van werken

Plainte 1916 viool en piano
Sept mélodies retrouvées 1916-18 zang en piano
Trois danses exotiques 1925 piano
Enfance 1927 piano
Chanson pour les enfants qui n'ont pas de Noël 1927 viool en piano
Fahrendes Volk 1955 muziek bij een marionettenspel

Onlangs verscheen op het label Gideon Boss Musikproduktion een prachtige cd met kamermuziek van Leo Kok, uitgevoerd door Irene Maessen (sopraan), Ursula Schoch (viool) en Marcel Worms (piano). De cd met prachtig uitgevoerd boekje kreeg lovende recensies, o.a. een Luister 10.


homepage